Texel Sheep
Rearing
goal
It is our goal to rear broadly developed, functionally-built Texel
Sheep that are at the top regarding quality in growth, fertility
and milk produce. We are aiming at maintaining the typical Texel
sheep characteristics.
Ruimer fokken betekent in de praktijk meer
vleeskwaliteit met een goede bespiering en lage vet percentage
in onze fokkerij. Het makkelijker aflammeren is een feit en biedt
boeren een schaap wat sneller zelf kan aflammeren en met meer lammeren.
Vruchtbaarheid
Dat de schapen een enorme vruchtbaarheid hebben blijkt
uit het feit dat de oudere stamboek ooien door de jaren heen zo'n
2,3 lammeren werpen. Ook de jarige ooien lammeren af en komen
aan meer dan 1,5 lam. De gemiddelde vruchtbaarheidsindex van
onze koppel bedraagt 119.
Groeisnelheid
Er wordt deelgenomen aan het weegprogramma,
waarbij zeer goede resultaten worden behaald. Een in 2000 uit Engeland
geïmporteerde
ram heeft zelfs een groei-index van 138 met een betrouwbaarheid
van 75%. Om de groei nog een stimulans te geven zijn in het najaar
van 2004 nog eens twee rammen uit Engeland gehaald.
Bij het dekken
van de nafok wordt er goed op gelet dat de typische ras kenmerken
van het Texelse schaap behouden blijven om goed in het soort
te blijven. Inmiddels is er een nieuwe studiegroep opgericht
onder de jonge Texelse schapen fokkers om ook de spier groei
en het vet percentage in kaart te kunnen brengen.
Het Scannen van Vetbedekking en Spierdikte.
Winterkeuring schapen fokdag te Akenbuurt
Van alle schapen heb ik het lichaamsgewicht, de vetbedekking en
de spierdikte die gescand zijn op de fokdag in een grafiek gezet.
De computer heeft er een gemiddelde voor mij uitgerekend en dat
is de rode (spier) en de groene (vet) lijn.

Het is anders dan ik verwacht had. Ik had verwacht dat de vetmassa
van de schapen zou toenemen als deze zwaarder worden.
Duidelijk zien we dat als de dieren zwaarder worden dat de spiermassa
toeneemt en de vetdikte ongeveer gelijk blijft.
Deze grafiek is een gemiddelde van alle dieren die aanwezig waren
dus heb ik van de drie grootste groepen, ingezonden door Henk,
Koos en Jan Willem ook zo een grafiek gemaakt.
Deze drie grafieken staan op de volgende bladzijde.
De schapen van Jan-Willem en Henk groter zijn (en dus zwaarder).
Spier: Bij de toename van de het lichaamsgewicht neemt de spierdikte
bij Jan-Willem en Henk hun schapen meer toe (de lijn loopt steiler
omhoog) dan bij Koos.
Vet: Bij de toename van het lichaamsgewicht neemt de vetbedekking
van de schapen van Jan-Willem iets toe ( de lijn loopt nagenoeg
horizontaal) en bij de schapen van Koos en Henk neemt de vetbedekking
zelfs enigszins af (de groene lijn loopt omlaag).
Oorzaken voor verschil in de spier en vet aanzet en lichaamsgewicht
kunnen zijn:
- Erfelijkheid (sommige rassen zetten beter spier aan dan andere,
sommige rassen vervetten sneller).
- Voeding, Bv Maïs geeft vervetting, let ook op mineralen en
sporenelementen.
- Soort Weide (alias voeding) en beweidingschema’s
- Huisvesting
- Bedrijfsmanagement
- Tijd van aflammeren



5700-1056 (2) geb. 20-03-02 VB/BTH 124/49 BE 86
AV 86 ARR/ARR
V.
5262-1962 VB/BTH 121/62 BE 87 AV 85
M. 2745-0812 VB/BTH 123/57 BE 85 AV 85 in 4* x 8
Fokker/eig.: Comb. Bakker / Zoetelief

BHZ-03052 (2) geb. 06-03-03 BE 90 AV 84 ARR/ARR
V. CVC-02194
M. BHZ-01290
Fokker: J. Blakemore
Eig.: Comb. Bakker / Zoetelief
Contact opnemen?
Voor informatie kunt u: terug |